Waarde inboedel op sterfdatum

Printvriendelijke versie

Als bij overlijden inboedel wordt geërfd moet daarover ook erfbelasting betaald worden, door de erfgenamen. Maar de vraag van velen is, welke waarde opgegeven moet worden op de aangifte erfbelasting.

Het uitgangspunt is de zogenaamde waarde in het economisch verkeer op de sterfdatum. Dat betekent dat op de aangifte erfbelasting ingevuld moet worden wat de erfgenamen zouden ontvangen, als zij de inboedel op de sterfdatum hadden verkocht. Een taxatie door een deskundige kan dan uitkomst bieden, zeker als er waardevolle zaken zoals schilderijen of kunststukken zijn. Maar een taxatie is geen verplichting, en kan soms zelfs kostbaar zijn als de inboedel in verhouding weinig waard is. De erfgenamen kunnen dan een schatting maken.

Bij de meeste inboedels zal de waardebepaling niet tot veel problemen leiden. Toch is er onlangs een procedure gevoerd waarbij de rechter een heel bijzonder geval moest beoordelen. Een man die in 2003 overleed liet een Chinese pot na aan zijn erfgenamen. In 2004 hebben de erfgenamen de pot voor € 12.500 vermeld op de aangifte erfbelasting. Ze waren zeer verbaasd toen de pot in 2005 op een veiling bij Christie’s werd verkocht voor maar liefst € 23 miljoen! De belastingdienst was echter zeer alert en legde een forse navorderingsaanslag op. Daar waren de erfgenamen het natuurlijk niet mee eens.

De rechter oordeelde dat bij het vaststellen van de waarde per sterfdatum, aansluiting mocht worden gezocht bij de onverwacht hoge verkoopopbrengst die later werd gerealiseerd.

Nu is het voorbeeld van de Chinese pot zeer uitzonderlijk, maar als u vragen heeft over de waardering van inboedel, behorende tot een nalatenschap, dan helpen wij u graag.

Bron: NTFR 2013/1050, Conclusie A-G IJzerman 27 maart 2013, 12/02319