Echtscheiding en doorbetaling zakelijke lasten

Printvriendelijke versie

Na echtscheiding ontstaat er vaak een situatie waarin één van de partners in de voormalige echtelijke woning blijft wonen in afwachting van de verkoop van het pand. Moeten in dergelijke situaties de zakelijke lasten zoals onroerende zaakbelasting en waterschapslasten worden voldaan door degene die in de woning verblijft?

Door het Gerechtshof ’s Gravenhage werd in april 2013 uitspraak gedaan in een zaak waarbij de man na ontbinding van het huwelijk in de woning bleef wonen en de vrouw het niet redelijk vond dat zij moest blijven meebetalen aan de zakelijke lasten van de woning. Het gerechtshof was van oordeel dat vanaf het moment van ontbinding van het huwelijk alle kosten van de voormalige echtelijke woning voor rekening komen van beide ex-echtelieden, tenzij partijen daarover in het echtscheidingsconvenant een afwijkende regeling hebben getroffen. Volgens het gerechtshof zijn de beide ex-echtelieden op grond van de wet niet alleen gerechtigd tot de voordelen die het gemeenschappelijk bezit oplevert, maar evenzeer aansprakelijk voor de lasten die het gemeenschappelijke eigendom met zich meebrengen. Wel dient daarbij rekening te worden gehouden met alle feiten en omstandigheden van het geval. Aangezien in deze kwestie geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren, bepaalde het gerechtshof dat de lasten gelijkelijk over beide ex-echtelieden moeten worden verdeeld.
Het gerechtshof is echter voorbij gegaan aan het feit, dat tussen partijen geen afspraken zijn gemaakt over het betalen van een gebruiksvergoeding voor het tijdelijk gebruik en genot van de woning. In deze in de praktijk veel voorkomende situaties kan het zinvol zijn in het echtscheidingsconvenant nadrukkelijk afspraken te maken over het gebruik van de woning en de daaraan verbonden lasten zoals doorbetaling van hypotheekrente en zakelijke lasten.

Ook de notaris kan u behulpzaam bij het maken van afspraken die de voormalige echtelijke woning betreffen. Maak geheel vrijblijvend een afspraak met ons kantoor. Wij zijn u graag van dienst.

Bron: C. de Bie-Koopman en P.Dorhout, FJR 7/8, 2013.